Reisverslag 65

Plaats: Noord Spanje; Bayona -

Datum:  23 t/m 29 april

23 april
We worden wakker van de regen, het komt met bakken tegelijk naar beneden. Ook waait het in die buien stevig, het giert door het wand.
Hanny ziet het zwerk drijven, en wil nog een dag in Bayona blijven. Ik bekijk de weersverwachting en zie een mooie dag met wind uit de goede hoek, dus weet ik Hanny moed in te praten en gooien we om 9.30 uur de trossen los.
Het is afwisselend bewolkt en overwegend zonnig. De wind waait zo’n 15 kn, met in buien uitschieters naar 23 kn. We varen halve wind onder vol zeil, en leggen 42 mijl in 6 uur af. In de buien minderen we wat zeil, maar het blijft hard gaan. Even voor 4 uur meren we af in de haven van Muros langszij een vissersboot. De haven heeft hier weinig ligplaatsen en de meesten gaan (in de zomer) voor anker voor de haven. In de haven schijnt de zon en drinken we een ankerslok op de voorspoedige tocht. Het is een alleraardigst stadje, met een volledig beschermd liggende haven. Hierbinnen lig je volkomen stil terwijl we buiten golven van 4 a 5 meter moesten trotseren. Een verkenningstocht door het nog authentieke stadje was erg leuk.
Hanny tovert daarna weer de lekkerste geuren uit de keuken, dus dat komt wel weer goed.
Er is overigens een opvallend verschil tussen de Portugese en de Spaanse kust, de Portugese kust is langgestrekt, veel stranden en een laag achterland en de Spaanse kust is grillig, rotsachtige, met redelijk hoge bergen en diepe inhammen, veel interessanter en afwisselender om te bekijken vanaf het water.

24 april
Rustig opstaan, ontbijten en de trossen weer los. De zon schijnt volop als we uitvaren, maar eenmaal uit de baai komt er een gigantische bui over ons heen. Het eerste stuk naar Finisterre moeten we kruisen en er ligt een gevaarlijke ondiepte waar we omheen moeten.
Voor Finisterre langs kunnen we de schoot weer een beetje vieren en gaan we weer met 7 kn. de goede kant op. Het water op dit punt van Spanje her en der zeer onrustig, maar daar moeten we gewoon even doorheen. Als we de baai van Camariňas naderen worden de golven niet lager omdat het hier wat ondieper wordt, je moet zelfs aardig navigeren tussen echte ondieptes door. Als we voor de wind varen maakt de boot een gier, die Hanny de wenkbrauwen even doet fronsen, maar al pratende ontspant ze zich weer een beetje. Het is zondag, en in het wekelijkse telefoontje met pa en ma Ter Pelle laat ze zich ontvallen: “wat een hobby, dat zeilen”. Gelukkig lacht ze erom. Eenmaal in de beschutte haven liggen we vrijwel stil en komt alles weer tot rust. Er liggen mooie nieuwe steigers waar maar een paar boten aan liggen, dus plek genoeg. We lopen om een uur of  7 naar het dorp, want het is mijn beurt om te koken. Het ziet er niet uit, veel vervallen panden, veel opgelapte panden met golfplaten, ongezellige bar / restaurantjes waar je op reclame stoeltjes zou moeten eten, en er is geen kip te bekennen. We lopen dus maar terug naar de boot waar Hanny een restje van gisteren opwarmt. (Ik was wel af)
Voor we aan boord gaan drinken we nog een wijntje bij de club Nautico, waar de waardin vloeiend Frans spreekt. Ze vertelt ons over een feest wat ’s avonds om 10 uur bij de kerk plaats vindt. Ook kijken we hier even op een snelle internet verbinding, die ze hier beschikbaar hebben, naar onze eigen site en naar de site van Score. (De complimenten voor de Score crew, hij is actueel gehouden en ziet er aantrekkelijk uit, zie www.zitten.nl ). Na het eten gaan we om 10 uur “met gepaste tegenzin” van Hanny naar de kerk en daar staan 2 gigantische trucks opgesteld met podia van ca. 12 x 6 meter, kompleet met lichtshow, etc. dat belooft wat. We zijn nog iets te vroeg, en drinken eerst een biertje in de bar/pizzeria. Als we dan terug komen bij de podia is er een 12 mans formatie op een van de podia bezig met fantastische Spaanse, moderne muziek, een genot om naar te luisteren. De band bestond uit koperwerk, drums, gitaren, toetsenborden, allerhande slagwerk, 2 aantrekkelijke zangers en 2 nog aantrekkelijker zangeressen die een professionele zang/dans/verkleedpartij ten beste gaven. Tussen door is er een vuurwerk waar de Sneekweek niets bij is. De jeugd leert hier al in de wieg dansen, want voor ons staan diverse misschien 5 a 6 jarigen een dans demonstratie te geven, prachtig gewoon. Op een gegeven moment is de hele straat zowat aan het dansen. Wij dansen natuurlijk mee!  Als de 2e band op 25 april begint is dit een ander geluid, maar wederom professioneel, dit is meer een rock band, ook een 12 mans formatie. Het halve dorp is uitgelopen, maar dan zijn er nog maar maximaal 300 mensen schat ik zo in. Het dansfestijn op straat zet zich voort. Als deze band is uitgespeeld om een uur of 1.30 komt de eerste band nog weer terug. Om 2.30 vinden we het welletjes en laten het feest achter ons. Onderweg komen we nog gezinnetjes tegen met kleine kinderen die het ook zo laat hebben gemaakt. Hoe laat het uiteindelijk geworden is weet ik niet, maar de klanken bereikten ons nog toen we terug bij de boot waren.
Een bijzonder feest in een onmogelijk dorp waar ze blijkbaar wel een behoorlijk budget uit kunnen trekken om 2 zulke professionele bands aan te laten rukken en een prachtig vuurwerk af te steken.
We slapen lekker uit, ontbijten, plukken gigantische mosselen van de steiger die we als uitgebreide lunch ons heerlijk laten smaken. Normaal zouden we geen mosselen uit de haven willen eten, maar hier is de haven een open kom dicht bij zee, loost er geen afvalpijp uit de stad, en is de haven bijna leeg. Ook de havenmeester eet ze dus wij hebben er heerlijk van genoten. Net voor we aan de lunch willen beginnen komt er een  hele familie dolfijnen de baai in, ze zwemmen vlak voor de steigers langs, we zijn te laat met de camera, maar het blijft een leuk gezicht.
De hele dag giert de wind om ons heen, en wij liggen hier lekker rustig in deze beschutte haven. De wind is naar het zuiden gedraaid, wat gunstig is voor het vervolg van onze reis. Morgen moeten we een traject van ca. 55 mijl naar La Coruňa, dus op tijd op en trossen los.

26 april
Als de wekker om 7.30 uur gaat giet het uit de lucht en giert de wind nog door de verstaging, erg lekker vooruitzicht dus voor een dagje op zee. We doen rustig aan, alles vaarklaar maken, ontbijten en dan maar in het pak. Laarzen, zeilbroek en zeiljas aan, wat lang niet nodig is geweest. Daarnaast is het nog koud, zodat ook de handschoenen en de must erbij komen. We gooien de trossen los, varen onder afwisselend regen en soms droog de eerste paar mijl de baai uit, en werkelijk niet te geloven vanaf dat moment begint op zee de lucht te klaren en droogt alles weer lekker op. De bimini weg, de sprayhood weg en met een straf windje in de rug gaan we onder genua en een beetje motor verder de hoek om naar La Coruna. Muts en handschoenen verdwijnen al snel naar binnen. We varen erg snel, tussen de 6 en 9,5 kn draaien we de golven op en surfen er dan weer vanaf.
De kust ligt voortdurend onder de wolken en we zien daar buien langs trekken, maar op zee blijft het mooi. Langs de kust, afwisselend groen en rotsachtig met her en der een strandje zien we op de heuveltoppen  hele windmolenparken staan. Ze zijn hier ook met schone stroom bezig op deze winderige hoek. We zijn om 16.00 uur in La Coruna, waar we aanleggen in een gloednieuwe haven Darsena Deportiva, midden tussen de industriehavens in vlak tegen het centrum. Goed beschut tegen alle winden, maar er komen en gaan nogal wat vissersschepen en sleepboten zodat we regelmatig liggen te hobbelen. (’s Avonds verkennen we de prachtige stad en drinken een wijntje in een gezellige bodega.)

27 april
Dat hebben we geweten, vanaf 04.30 uur vaart de hele vissersvloot uit, en we klotsen en botsen in de box heen en weer. Hier willen we geen nacht meer blijven. We doen nog wat boodschappen in de stad, drinken een heerlijke cappuccino en verlaten de haven rond een uur of 2 richting Sada Marina, een paar mijl om de hoek bij La Coruna. Hier ligt een prachtige nieuwe haven achter in de baai. De baai is prachtig om in te varen, grillige kust, viskwekerijen, een hoog geniet gehalte in ieder geval. Morgen gaan we verder richting Carino zo’n 40 mijl verderop. Dan gaan we vrijdag door naar Ribadeo waar we een auto hebben gehuurd om naar Santiago de Compostela te gaan, waar we Frank en Marilou van het vliegveld zullen halen.
Het weer is de hele dag erg plezierig geweest, zonnig en redelijk warm. Als we in de haven liggen trek ik zelfs voor het eerst sinds weken de korte broek weer aan.

28 april
Een vreemde dag, de zon lag door de wolken heen naar ons te loeren maar kwam er niet erg doorheen. We zeilden net langs de rand van de wolken. Boven ons blauw maar in de hoek van de zon allemaal wolkenvelden. Behoorlijk fris zo in de schaduw. Het waaide wel lekker zodat we onder vol zeil voor de wind naar ons doel voeren. Alleen ook op de oceaan kan de wind draaien, had ik net de spinakerboom gezet met de fok te loevert, draaide de wind 20 a 30 graden en kon ik het hele theater weer omzetten. Dat gebeurde zo een paar keer tot ik er flauw van was en toen heb ik de boom maar weer opgeborgen. Op een gegeven moment kwam de wind zelfs van voren. De kust is hier mooi, erg gevarieerd met begroeide bergen, rotspunten en onderwater objecten waar de zee over breekt. Wel oppassen dus. Er komen ons ook nog een stel dolfijnen begroeten, wel 20 zo te zien, een behoorlijke baai vol. We komen een enkele verdwaalde visser tegen, een vrachtschip en een catamaran, verder is de zee leeg. Het lukt wel altijd weer om recht op een visbal af te varen, zodat ik regelmatig wat bij moet sturen.
De tocht gaat zo voorspoedig dat we besluiten een paar mijl meer te maken zodat de trip morgen korter wordt. We eindigen in Viveiro, een alleraardigst plaatsje met een mooie, beschut liggende marina. Als we vast liggen breekt de zon door en kunnen we heerlijk in de kuip uit de wind zitten. De koppen gloeien dan ook weer lekker na zo’n dag. We wandelen door het stadje en belanden in een restaurant waar we de hele avond alleen zitten, geen beste dag voor de uitbater. Het voorgerecht was voortreffelijk, maar het hoofdgerecht viel wat tegen.

29 april
Stralend blauwe hemel, geen wind, vlakke zee. We motoren bijna de hele tocht naar Ribadeo, zo’n 30 mijl verderop. De kust is net als gisteren zeer afwisselend. Het laatste uur voor Ribadeo komt er wat wind uit het noordoosten zodat we nog een uurtje de zeilen zetten. De invaart naar Ribadeo wordt door rotspartijen en zandbanken een beetje spoorzoeken, maar het is goed te doen met de GPS en wat zicht navigatie. Dat apparaatje verbaasd me regelmatig weer hoe accuraat hij is. We huren een auto bij een garage die die naam nauwelijks verdient, het is een oude, bijna krakkemikkige Citroen, maar de enige in het dorp die wat verhuurd tegen een schandalig hoge prijs. Hij brengt ons morgen hopelijk naar Santiago de Compostela, waar we Frank en Marilou van het vliegveld zullen afhalen.
We doen wat boodschappen en maken de boot weer “gast klaar”.
Het is een behoorlijk groot dorp, met een fantastische van gouden torens voorziene kerk in het centrum. We liggen aan de buitenkant van de haven, zodat we een prachtig uitzicht hebben over de baai.

 

 Vorige Reisverslag  Naar Menu  Volgende Reisverslag